30-09-2019

30-09-2019

Chuncheon en de 38e breedtegraad

Chuncheon en de 38e breedtegraad

Dit is niet de vierde blog. Het getal vier klinkt namelijk als dood in het Koreaans, en wordt vermeden. Geen 4e verdieping in ons hotel, geen huisnummers 4 en blog nummer vijf dus.

We zijn met de auto teruggereden naar Gwangju, nu wel via de tolweg om iets meer op te schieten, en hebben daar de hogesnelheidslijn weer gepakt om met 300 km/h weer richting Seoul te knallen. Vanaf daar met een dubbeldekkertrein en een staplaats naar Chuncheon.

Nadat we eerst met de taxi naar de verkeerde plek waren gegaan om onze huurauto op te halen, bleek op de goede locatie ook geen huurauto te zijn. Ook een dag later zou er nog geen auto zijn. Daar ging ons plan voor het bezoeken van de DMZ.

‘s Avonds eten we in een straatje dat compleet gewijd is aan het lokale gerecht: Dakghalbi. In het hele straatje zitten zo’n 25 restaurants die allemaal hetzelfde gerecht serveren. Op een metalen schaal in het midden van de tafel worden kip, kool, zoete aardappel, rijst en een scherpe saus klaargemaakt. Gelukkig werden wij voorzien van iets minder van deze scherpe saus.

Omdat ons plan nu wat in duigen is gevallen gaan we de volgende dag eerst Chuncheon maar eens bekijken. De Koreanen lijken niet van die vroege vogels, want tot 11 uur is er nog vrij weinig open. Het is nu weliswaar zondag, maar ook op andere dagen is ons al opgevallen dat het leven hier niet vroeg begint. Behalve de wegwerkers voor het hotel, die waren al vrij vroeg in de weer met graafmachines. De dag is verder een lekker rustige vakantiedag met het bekijken van wat winkeltjes en wandelen langs de rivier waar een mooi fietspad langs ligt. Als afwisseling gaan we naar een Japans restaurant.

Op maandag wagen we een nieuwe poging om een auto te regelen. Dat lukt zowaar en de prijs is nog beter dan ons online was beloofd. We kunnen nu dus onderweg naar de DMZ!

Dat is een flink eind rijden. Zo’n 180 kilometer. En naarmate we dichter bij de grens komen wordt ook duidelijk dat beide Korea’s nog in oorlog zijn. Op de weg rijden we onder plofsluizen door. Verdedigingswerken die waarschijnlijk opgeblazen kunnen worden om zo oprukkende troepen te belemmeren. We kunnen de springstof zien zitten.

Op 10 kilometer van het observatorium komen we een militair controlepunt tegen. We krijgen de vraag of we een toegangsbewijs hebben. Dat hebben we niet en blijken we een paar kilometer eerder gehaald te moeten hebben. Weten wij veel, de enige leesbare tekens op het bord waren DMZ, dat daar ook stond dat we een kaartje moesten kopen stond er niet bij.

Het toegangsbewijs is snel geregeld en nu mogen we wel door. Er is geen paspoortcontrole, maar de hekken langs het strand, militaire voertuigen, verdedigingswerken... er hangt een sfeer van spanning in de auto. Al snel komen we bij een enorm gebouw, het observatorium en kunnen we een blik werpen op het land dat nu zo dichtbij is, maar ook erg ver weg.

Er is wat tentoongesteld met uitleg over de tijdlijnen, de Koreaanse oorlog en hoe mooi het zou zijn als beide Korea’s verenigd zouden kunnen worden. Wel met een kapitalistische blik dan natuurlijk. Buiten loopt een schoolklas waarvan een paar stoere jochies de grote leider aan de andere kant van de grens vanalles toewensen.

Nadat we duidelijk hebben kunnen onderscheiden wat noord en wat zuid is, keren we weer terug. Het eerste strand dat we op de terugweg tegenkomen kunnen we niet op. Er staat een groot hek voor. Een paar kilometer verderop lukt het wel en kunnen we met de voetjes in het water aan de oostkust.

In de auto onderweg terug krijgen we in de tien kilometer lange tunnel “Kortjakje” weer te horen door strepen op de weg. Weer eens wat anders dan de nep-sirenes en politiefluitjes bij de knipperende rode en blauwe lampen.

Terug in Chungcheon eten we wederom Dakghalbi bij een restaurant waar we met veel enthousiasme worden ontvangen.